Hoofdmenu

Ex-prof hoofdtrainer bij derdeklasser vv Hellas

Dave Zafarin, man van golden goal tegen Vitesse

Hij speelde en trainde onder Hub Stevens, de ‘Keu’ Eddie Achterberg, Hans de Koning en Martin Jol. Namen van oefenmeesters die klinken als een klokje. Daar steek je natuurlijk wat van op. Zijn moment suprême op voetbalgebied was de golden goal, waarmee hij Roda JC op 12 april 2000 in Arnhem in de verlenging tegen Vitesse naar de bekerfinale schoot (0-1), een finale die vervolgens in De Kuip met 2-0 werd gewonnen tegen NEC. En als je wat leert van de genoemde mannen, waarom zou je dan niet zelf de handschoen oppakken en trainer worden? Dave Zafarin, ‘inne richtieje Kirchröatsjer jong’ -hij is op 22 mei 1978 in de Klankstad geboren-  deed het. Momenteel is hij trainer van derdeklasser vv Hellas in Klimmen-Ransdaal, waarmee hij hoopt binnenkort aan een eindelijk weer normaal voetbalseizoen te kunnen beginnen.

 

Familiemens

We beginnen met de vraag om zichzelf als persoon te typeren. Uit het antwoord van Dave, in het dagelijks leven import/exportanalist bij Medtronic, kun je veel afleiden, onder meer dat hij veel belang hecht aan zijn gezin. Hij zegt: ,,Ik ben 43 jaar oud en zie graag een goede film of serie. Ik houd zeer van muziek en bezoek dan ook graag muziekfestivals. Samen met mijn vrouw Kristel, met wie ik 10 jaar getrouwd ben, beluister ik mijn  uitgebreide LP-collectie. Daarnaast rijd ik graag een rondje op mijn motor, lekker genieten  is dat. In het weekend ben ik langs de lijn te vinden, ook als mijn zoon Jayden (16) met zijn elftal een wedstrijd speelt, of ik ‘mag’  met mijn dochter Leigh (9) mee naar haar paardrijles. “

De voetballer

Het begon allemaal op 4-jarige leeftijd, bij SV Sylvia in Nieuwenhagen). Inmiddels is die club gefuseerd met SVN en de nieuwe naam is FC Landgraaf. Dave Zafarin steekt van wal over het vervolg: ,,Op 10-jarige leeftijd heb ik de overstap gemaakt naar de C1 van Roda JC. Bij Roda heb ik de hele jeugdopleiding doorlopen en uiteindelijk mocht ik ook voor het eerste elftal spelen. Het was een fantastische tijd, een periode ook met ups-and-downs, gelukkig met meer mooie dan minder fraaie momenten. In 2002 vertrok ik naar De Graafschap, waar ik een contract voor drie jaar tekende. Uiteindelijk heb ik er maar één jaar gespeeld, omdat ik een nieuwe uitdaging vond bij FC Kärnten in Oostenrijk. Ook daar tekende ik een 3-jarig contract. Het eerste half jaar was fantastisch, maar als gevolg van financiële problemen bij de club werden vervolgens de salarissen niet meer betaald. Daar kwam bij dat ik niet op één lijn lag met de derde trainer die we dat seizoen kregen. Hij stelde mij niet meer op. Hoewel het seizoen eigenlijk fantastisch was begonnen liep het dus dramatisch af en na afloop van die voetbaljaargang kon ik mijn contract gelukkig stopzetten en vertrekken. Terug in Nederland had ik geen club. Toevallig werd in dat jaar het VVCS-team opgericht, bestemd voor spelers zonder club. Hans de Koning was de trainer. We speelden een aantal wedstrijden, waarna ik in contact kwam met Fortuna Sittard. Ik maakte met hen de afspraak om mee te mogen trainen, zodat ik mezelf fit kon houden. Uiteindelijk heeft dat geleid tot een jaarcontract bij Fortuna. Na dat jaar meldde Top Oss zich, waar Hans de Koning de nieuwe trainer werd. Ik tekende voor een periode van drie jaar en uiteindelijk werd die periode nog eens met twee jaar verlengd. In die vijf seizoenen bij Top Oss heb ik een fantastische tijd beleefd en een paar hele goede vrienden gemaakt. Top Oss was tevens mijn laatste BVO. Aansluitend heb ik, als amateur, bij EVV in Echt gevoetbald. Aan het einde van dat seizoen kwam ik in contact met Jos op ‘t Einde en Karel Pelzer van Groene Ster (Heerlen) en daar mocht ik nog drie seizoenen spelen in het eerste elftal.”

Al lezend zien we dat een voetballeven van een prof niet altijd over alleen maar rozen gaat. Er is nog meer. Dave vertelt verder: ,,Als speler heb ik in de laatste jaren van mijn voetbalcarrière veel met blessures te maken gehad. Hierdoor heb ik de keuze moeten maken om te stoppen. Het is lastig om iets los te laten dat jarenlang een belangrijk onderdeel is geweest van je leven. Ik was dan ook blij om in die periode als hoofdtrainer bij SV Langeberg (Brunssum) aan de slag te mogen. Een gezellig club, dicht bij huis, waar ik de kans kreeg om als trainer te groeien en ervaring op te doen. Maar het bloed kruipt waar het niet kan gaan en na een ‘rustperiode van vijf jaar als speler’ werd ik door Frans Walinski van Sylvia gevraagd of ik toch nog wilde komen voetballen bij het eerste elftal. Spelen bij de club waar het voor mij ooit allemaal mee was begonnen zou voor mij de cirkel rond maken. Zo redeneerde ik op dat moment. Vol goede moed en zeer gedreven startte ik met trainen, maar vijf jaar ’niks doen’ had zijn tol geëist. Ik kreeg helaas last van de ene blessure na de andere en uiteindelijk ben ik toch weer moeten stoppen. Nu ben ik wel nog speler van het beruchte derde elftal van Abdissenbosch. Dat is op loopafstand van thuis en het is leuk om zelf toch nog een beetje  actief op de groene mat te kunnen staan. Als ik geen rare transfer meer maak (Dave vertoont een smile; red.) zal dit ook de laatste club zijn waar ik voor speel.”

Topmomenten

We hebben het al genoemd: hét moment op voetbalgebied was zijn golden goal tegen Vitesse. Maar in zijn herinnering hebben ook zijn debuut voor de hoofdmacht van geel-zwart en de terugkerende plaatsing voor Europees voetbal met Roda JC een plek gekregen, die graag weer eens naar voren wordt gehaald.

Roda JC en de ‘eigen jongens’

Wie veel in het voetbalwereldje vertoeft en zijn oor te luister legt, krijgt veel mee. Roda JC heeft decennia lang op hoog eredivisieniveau geacteerd. De tweede plek op de ranglijst, medio jaren negentig van de vorige eeuw, onder de regie van Hub Stevens en diens assistent Eddie Achterberg, achter kampioen Ajax -Roda JC was dat seizoen de enige club in de wereld die tegen Ajax uitkwam en er niet van verloor-  mogen we, naast de twee gewonnen bekerfinales, wellicht als het absolute hoogtepunt op nationaal niveau benoemen. In die jaren, maar ook voordien en later, kon je vaak opvangen dat Roda JC de eigen jeugd geen of te weinig kans gaf om door te breken. Hoe ziet Dave Zafarin dat, vragen wij ons af. Hij immers is één van degenen die wél de hoofdmacht heeft bereikt en succes heeft gehad. Dave antwoordt: ,,Ik heb in de jeugd bij Roda JC met heel veel goede spelers samen mogen spelen en het was echt niet zo dat ik het gehaald heb, omdat ik altijd de beste was. Er waren anderen die net zo goed waren of misschien nog wel beter dan ik. Je moet ook veel geluk hebben. Het zijn veelal momentopnames waarbij je dat geluk nodig hebt, dat je net goed speelt als de juiste scout of trainer langs de kant staat. Daarnaast is een bepaalde gunfactor ook belangrijk. Roda haalde altijd veel spelers van buitenaf en deze spelers moesten dan ook spelen, zodat ze uiteindelijk ook weer goed doorverkocht konden worden. De opbrengsten werden dan weer gebruikt om andere spelers te halen etc. Zo heeft Roda veel successen gekend en dat heeft ook veel geld opgeleverd, maar het ging wel vaak ten koste van de spelers uit de eigen jeugdopleiding.”

Trainer

Veel profvoetballers vallen na beëindiging van hun loopbaan in het zogeheten zwarte gat, hoewel dat de laatste decennia gelukkig wat minder lijkt te gebeuren. Anderen vinden hun weg in wat de normale maatschappij wordt genoemd. Weer anderen worden trainer. Dave Zafarin heeft zijn weg in de maatschappij gevonden en is trainer geworden. En dat hoewel dat laatste lang niet in de lijn der verwachting lag. Waarom het dan toch gebeurde verklaart Dave zelf met: ,,Ik heb altijd gezegd dat het me verschrikkelijk leek om te doen, maar door gesprekken met mijn vader, Kristel en Hans de Koning heb ik het uiteindelijk toch opgepakt. Dat was toen ik nog speler was bij Top Oss. In die periode heb ik mijn diploma’s behaald. Naderhand kreeg ik de kans bij Groene Ster om assistent te worden van de heel ervaren, inmiddels helaas overleden, Harry Thoma. Ik heb ontzettend veel van hem geleerd en nog veel meer met hem gelachen. Hij werd een hele goede vriend in die tijd.”

Trainersloopbaan

Daarmee zijn we aangeland bij het begin van het trainersleven van onze gesprekspartner. We laten hem zelf aan het woord over het vervolg. Dave weer: ,,Ik ben twee jaar assistent geweest van Harry Thoma, bij het eerste elftal van Groene Ster dus. Hierna kreeg ik de kans om hoofdtrainer te worden bij sv Langeberg in Brunssum. Een fantastische club voor elke trainer, met een fijne spelersgroep en begeleiding. Hier stond ik drie seizoenen aan het roer als hoofdtrainer. De combinatie met de drukte op mijn werk, mijn eigen webshop en het trainerschap werd op een gegeven moment iets te veel van het goede en ik moest keuzes maken. Ik heb toen besloten om een rustperiode in te lassen voor wat betreft het trainerschap, zodat ik ook eens kon genieten van een vrij weekend. Dat beviel heel goed. Ik kreeg veel meer tijd voor mijn gezin en andere hobby’s. Hoewel ik daar ontzettend van kan genieten, geniet ik ook nog steeds heel erg veel van voetbal en daarom heb ik er nu voor gekozen om opnieuw te beginnen, nu bij Hellas. Ik ben nu een aantal keren op de club geweest en dat beviel goed. De mensen zijn heel vriendelijk en behulpzaam. Hellas is geen hele grote club, maar wel een hele hartelijke club, waar iedereen elkaar kent. Resultaat en plezier gaan hier hand in hand en dat past wel bij me. Ik hoorde ook alleen maar goede verhalen over de club en na een kort gesprek met het bestuur waren we er eigenlijk ook gelijk van overtuigd dat een prettige samenwerking gaat worden. Wat ook telde is dat we met Langeberg een aantal keren tegen Hellas hebben gespeeld en ik moet zeggen dat ik altijd onder de indruk was van hun spel. Er is wel een aantal zaken dat beter moet en daarin zie ik mijn uitdaging. Ik wil proberen om mijn visie op de spelers over te brengen en ervoor te zorgen dat ze nog beter worden in hetgeen ze doen, ze ook veel plezier te laten beleven in het spel. Daarbij hoop ik dat ze mijn manier van werken niet saai vinden.”

Over de kansen in het komende seizoen houdt Dave Zafarin zich wijselijk op de vlakte. Het is ook niet te doen op dit moment, na een voetbalarme periode, een reële inschatting van je kansen te maken, zeker als je de eigen groep nog echt moet leren kennen en de tegenstanders al helemaal.

We vragen Dave vervolgens van welke trainers hij het meeste heeft opgestoken. Hij roemt Hub Stevens en Eddie Achterberg voor het feit dat zij hun spelers fysiek op hoog niveau brachten en om hun veelvuldige pass- en trapoefeningen. ,,Dan heb ik het met name over de basistechniek. Die basis raak je ook nooit meer kwijt”, vertelt Dave die vervolgt met: ,,Van Martin Jol heb ik voornamelijk de vooractie geleerd.”

 

Dave Zafarin als trainer

De profvoetballer Dave Zafarin is inmiddels dus trainer geworden en heeft al wat ervaring opgedaan als zodanig. Mensen hebben zich al een beeld van hem gevormd. En zelf, hoe ziet hij zichzelf als trainer? Over het zeflbeeld: ,,Ik hou ervan hoog druk te zetten op de helft van de tegenstander en ik ben er ook van overtuigd dat je met wilskracht en inzet heel ver kunt komen, zeker in onze klasse. Respect, discipline en plezier vind ik heel belangrijk. Niet alleen op gebied van voetbal trouwens. Als je voor één van deze zaken geen aandacht hebt, loopt het niet lekker. Men zegt dat je respect eerst moet verdienen, maar daar ben ik het niet mee eens. Ik ben ervan overtuigd dat als je respectvol met anderen omgaat, je dit ook terugkrijgt. Tuurlijk moet je af en toe een rotzak zijn op het veld, maar ik eis wel van mijn spelers dat ze zich fatsoenlijk gedragen, zowel op als naast het veld. Ik vind het belangrijk dat ze zich met het spelletje bezighouden en niet met de randzaken die (kunnen) spelen. Voetbal is de uitlaatklep die je heel veel plezier en energie moet geven. Het moet geen ergernis opleveren, dat is verspilde energie. Je netjes gedragen tegenover iedereen lijkt me overigens niet meer dan normaal gedrag. Humor is voor mij heel belangrijk en ik lach ontzettend graag. Zeker ook als we op het veld staan, maar het moet natuurlijk ook weer niet ten koste van de kwaliteit gaan. Daar waak ik wel voor.”

De hoogtepunten als trainer in het geval van Dave Zafarin omschrijft hijzelf vooralsnog als momentopnames. Met plezier kijkt hij naar wedstrijden waarin hij dingen succesvol ziet uitgevoerd waarop in de trainingen uit en te na is geoefend. Waar hij absoluut niet van houdt is agressie binnen en buiten de lijnen, vooral als publiek zich ermee gaat bemoeien. Dave: ,,Als trainer ben ik nu een stuk rustiger dan dat ik als speler was. Daarmee probeer ik het goede voorbeeld te geven aan mijn spelers en staf.”

Andere hobby’s

We hebben al een tipje van de sluier gelicht als het gaat om zaken die, naast het voetbal, de aandacht van Dave Zafarin hebben en waaraan hij tijd besteedt. We gaan er ietsje breder op in. Dave sluit af met: ,,Zoals gezegd rijd ik graag een rondje op mijn motor. Een speciaal biertje met goede muziek op de achtergrond vind ik ook niet verkeerd. Je kunt je voorstellen dat ik blij ben als we weer eens naar een festival of een concert kunnen. Naast voetbal ben ik een NBA-liefhebber en ik hoop ooit nog eens een wedstrijd live ergens in Amerika te mogen bijwonen. Dit zijn zaken waar ik me echt op kan verheugen. Het meeste hiervan deel ik het liefste met mijn gezin, vrienden en familie. Samen zijn en samen dingen doen vind ik toch een stuk leuker.”

Foto’s®Parkstad Actueel/Lucho Carreno

 



« (Vorig nieuwsbericht)
(Volgend nieuwsbericht) »