Hoofdmenu

Voetbalgod in Vietnam

 

In Parkstad kent menigeen hem nog als de succesvolle oefenmeester van FC Vinkenslag die menig team uit de hogere amateurklassen met zijn formatie en bovenal speelstijl pijn deed. Frank van Eijs, die als een van de allerbesten ooit afstudeerde voor het  trainersdiploma en een grote toekomst als trainer-coach werd voorspeld koos echter voor een andere afslag om zijn voetbaldroom waar te maken. Vanuit Vietnam bedient de Maaskanter nu als FIFA-makelaar al meer dan tien jaar de Aziatische markt.  

 

Als een marskramer met veertig voetballen op de rug trekt hij al decennia de wereld rond. Ondernemen, grenzen verleggen, niet zeuren, maar gewoon doen Frank van Eijs (47) uit Guttecoven is behept met de ouderwetse VOC- mentaliteit. Een winnaar die er écht álles voor over heeft om zijn voetbaldroom te leven. Het wordt ook weerspiegeld door zijn opmerkelijke conduite staat. Als profvoetballer speelde Frank van Eijs hij op vier continenten, nam het op tegen Dwight Yorke, Romario en Juninho. Van Eijs was ook de allereerste Nederlander profvoetballer in de Vietnamese én de Australische competitie.

Zijn eerste stappen als voetballer zette de Maaskanter bij IVS, in zijn toenmalige woonplaats Berg aan de Maas. Daarna volgden Racing Mechelen,  Dundee FC, Rot Weiss Essen, TOP Oss,het Chinese Qingdao Etsong FC, SV Meppen, het Indiase Mohun Bagan AC, Borussia Freialdenhoven, de Marokko Swallows in Zuid-Afrika, het Vietnamese LG-ACB Hanoi en de New Zealand Knights, waarmee hij opmerkelijk genoeg in de  Australische competitie voetbalde.

Na twee seizoenen in de A-league keerde de voetbalglobetrotter terug naar Vietnam, waar Van Eijs na zijn laatste profseizoen als voetbalmakelaar startte. Vietnam, officieel de socialistische republiek Vietnam, grenzend aan China, Laos en Cambodja. Met 80 miljoen inwoners een oppervlakte van 332.000 m2. is Vietnam een van de dicht’s bevolkte landen van Zuidoost Azië. Een smeltkroes van Vietnamezen en talrijke etnische minderheden als Chinezen, Muong, Thai, Meo, Khmer, Man en Cham, een vingerwijzing naar de rijke, maar vaak ook dramatische, geschiedenis. De hoofdstad is Hanoi, maar veruit de grootste stad van het land is Ho Chi Minh City, in het Vietnamees: Thành phố Hồ Chí Minh. Het vroegere Saigon, op de westelijke oever van de Sài Gòn, telt ca. 7,4 miljoen inwoners, Illegalen en contractarbeiders niet meegeteld.

Zo’n zeven kilometer ten noordwesten van het centrum bevindt zich de Internationale Luchthaven Tân Sơn Nhất, op twaalf uur vliegtijd vanaf Frankfurt. Voor de kosmopolieten Frank en Brechje van Eijs, en hun in Nieuw Zeeland geboren, zoon Taavi is het een vertrouwde route geworden. Frank van Eijs verruilt gemiddeld zeven maanden per jaar de mooie gezinswoning in Guttecoven voor Vietnamese hotels. Met Ho Chi Minh City als uitvalsbasis en kustplaats Da Nang als vast tussenstation verdient Frank van Eijs de kost in een land waar natuur, avontuur en verrassingen gegarandeerd zijn. Een verrassing is ook de status van Frank van Eijs in Vietnam. “Ik zeg wel eens gekscherend: ‘in Limburg ben ik Mickey Mouse, in Vietnam een King’, glimlacht hij. Dat de Limburger in Azië daadwerkelijk als een ‘grote meneer’ wordt gezien blijkt als Van Eijs een thuiswedstrijd van Da Nang, de landskampioen van Vietnam bezoekt. Op zijn scootertje tuft Van Eijs met echtgenote en zoon langs de politie, zwaait vrolijk naar de security en rijdt probleemloos naar de hoofdingang van het stadion.

Bij de ingang naar het veld staan de spelers al in twee rijen staan opgesteld, om het veld op te lopen. “Come on, volle gas heh!”, pept Van Eijs de thuisploegspelers op. Bij het passeren krijgen enkele jongens een schouderklop. “Bij Da Nang zijn de buitenlanders, er mogen er hier drie opgesteld worden, allemaal spelers die via mij hier terecht zijn gekomen. Bij de tegenstander staat er ook regelmatig een van mij tussen”, legt hij uit.

Eer volgt een knipoog naar de scheidsrechter en dan loopt Frank van Eijs de tribune op. Voor het gezin Van Eijs blijkt de beste plek in het 25.000 toeschouwers tellende station gereserveerd. Na de wedstrijd loopt de Limburger het veld op en om zijn spelers een handje te geven en even na te praten. Zoonlief pakt een bal en gaat op het veld voetballen met profvoetballer die een salaris van minimaal twee ton verdienen. Van Eijs bekijkt het tafereel met een fijne glimlach. In Vietnam kan dat dus allemaal.

Hier train ik ook zelf ook geregeld mee met de landskampioen. Dan kom ik met de voetbalschoenen aan en zeg tegen de trainer: trainer ik train mee. ‘Dat is goed’, zegt hij dan. De relaxte leefstijl, de fraaie natuur en de klimatologische omstandigheden (“het is hier permanent rond de dertig graden”) maakt het leven in Vietnam bijzonder aangenaam. Maar de medaille heeft, zoals altijd, twee kanten. Om succesvolle zaken te doen, in het toeristenlanden in opkomst, moet je werkelijk van alle wateren gewassen zijn. “In Vietnam heeft alles een andere vibe”, weet Van Eijs.  “Je kunt er op vakantie gaan, maar dan weet je het nog niet! Je moet er gewoond hebben, om te weten hoe het functioneert.

Als ik hier zou denken als een volbloed Nederlander, en dus zoals ik zelf ook altijd ben geweest, dan heb ik hier elke dag ruzie. Dan is het elke dag vechten. Maar dat wil dan ook zeggen dat je geen zaken meer doet. Dat kan dus niet! Om daarmee om te gaan, om dat uit te vinden, om dat geduld af en toe te hebben, dat alles maakt of je succesvol of niet succesvol bent. Je wordt met jezelf geconfronteerd, ontwikkelt sociale vaardigheden, leert relativeren ook! Zo weet je dat als je in Vietnam naar de markt gaat je zo weer thuis bent. Als blanke met blauwe ogen ben je een ‘potentiële goudmijn.” “Dan worden de prijzen zes keer over de kop gegooid”, vult Brechje aan. “Het belastingsysteem in Vietnam is ook een verhaal apart”, zegt Frank. “Vietnamezen betalen 10 procent belasting, buitenlanders 30 procent. En dan praten we in Nederland vaker over discriminatie.”

Om Vietnam en daarna Indonesië als makelaar te openen investeerde Frank van Eijs tonnen. “Ons spaargeld was op een bepaald moment bijna helemaal op. Toch ben ik alsmaar blijven doorgaan. Ik kan je beloven: niemand gaat nog opofferingen brengen, die ik gedaan heb.” “Het was gekkenwerk”, fluistert echtgenote Brechje.

“Het is moeilijk geweest en een lange strijd”, zegt Van Eijs. “Zoals ook eerder  om profvoetballer worden. Als back of centrale verdediger heb ik in mijn voetbalcarrière eigenlijk alleen maar mensen voor de voeten gelopen. Ik heb een highlight DVD en dan zie je twee goals. Een daarvan was ook nog bedoeld als voorzet.”

Met een glimlach: “Ik zeg vaker: ik had het talent van een derde klasse amateur-voetballer maar de mentaliteit van Messie. Ik heb het écht op discipline en doorzettingsvermogen gedaan. Om persé die droom te willen hebben en die voetbaldroom te willen leven. Dat heb ik dus ook als makelaar gedaan. Als je maar gek genoeg bent en blijft doorzetten. En dat functioneert nu eindelijk, prima zelfs! Ik heb op dit moment ook weinig concurrentie in Vietnam. Mijn formule heb ik inmiddels uitgespreid over meerdere landen in Asie, voorop Maleisië en Thailand.”

Niet praten en zeuren maar gewoon doen; het is Frank van Eijs ten voeten uit. De Limburger is ook een man met een duidelijke voetbalvisie. Bij FC Vinkenslag ontpopte hij zich tussen 2008 en 2010 als opbouw én prestatietrainer ineen. En in 2010 werd Frank van Eijs tijdens de TC1 opleiding (assistent-trainer coach betaald voetbal) door de docent nadrukkelijk verzocht om alles op zijn trainerscarrière te zetten. “Hij zag grote mogelijkheden.” Maar de toptrainer in spé heeft even geen haast met trainen. Dat doet hij alleen thuis in Guttecoven met het jeugdteam van Zwentibold waar ook zijn zoon voetbalt. Ook hier met opvallend succes.

Mar toch: “Ik heb in Azië te veel geïnvesteerd om te zeggen: ik stap ervan weg. Glimlachend: “Daarbij ben ik naast voetbalmakelaar ook in Vietnam gewoon nog een beetje trainer. Ik haal hier veertig of 50 jongens naar toe. Daar train ik mee op trainingscentrum Thanh Long (een schitterend complex met acht kunstgrasvelden, een gym een zwembad red.) in Ho Chi Minh City. Na twee of drie dagen weet ik: je bent fit of niet fit, naar welk land of welke club breng ik je. Of hij gaat naar huis. Daarin moet je keihard zijn, wat ik betaal alle kosten van hotel tot taxi.

Soms train ik ook spelers voor Vietnamese topploegen. Dan zeggen ze: de verdedigers functioneren niet goed. Dan train ik die mannen. Soms breng ik jongens na een blessure terug. Specifieke training zonetraining, zorgen dat ik niet op de achterlijn kom. Ik leer ze hoe een spits ze pijn kan doen. Dan leer ik ze hoe ze zich daar tegen kunnen wapenen. Ik zweer het: als je mij de verdediging van Roda JC geeft, maak ik die mannen beter.”

Foto’s Frank van Eijs