Hoofdmenu

Tussen de mannen in het voetbal gegroeid Janine Coenjaerts (RKSVB)

 Janine Conjaeerts, een dame die durft te zeggen waar het op staat.

Met de paplepel ingegoten, een uitdrukking die vaak van toepassing is op mannen die in hun jeugd als jongen in het voetbal zijn gerold, om er vervolgens tot op late leeftijd, op de een of andere manier bij betrokken te blijven. Bij vrouwen ligt dat iets minder voor de hand. Meisjes worden in de jongste jeugd niet zo snel richting het voetbalveld ‘gepusht’. Toch zijn er voorbeelden waarbij dat wél gebeurt. Eentje ervan is Janine Conjaerts, middenvelder bij RKSVB in Ubachsberg. Een voetbaldame, een bevlogen sportieveling, die haar uitgesproken kijk op het mannenvoetbal van tegenwoordig en andere zaken niet onder stoelen of banken steekt.

 

Janine Conjaerts is inmiddels 21 jaar oud en woont in Eyserheide. Zij studeert Wellness aan Fontys sporthogeschool te Eindhoven, een studie waarmee je na afronding een bijdrage kunt leveren aan het welzijn van de mens. Janine is in de praktijk actief en  werkt momenteel bij fysiotherapeut Stephan Franken als sportbegeleider. Hier helpt zij mensen revalideren door middel van fitness. Daarnaast werk zij af en toe nog bij het drielandenpunt in Vaals.

Hoe is deze dame in het voetbal verzeild geraakt? Janine vertelt: ,,Toen ik 5 jaar oud was ben ik begonnen met voetballen. Dat ik aan voetbal begonnen ben in plaats van op ballet te gaan of te gaan turnen, zoals meerdere meisjes van mijn leeftijd toen deden, komt doordat ik opgegroeid ben in een familie van jongens. Iedereen om mij heen deed aan voetbal, dus ik kon natuurlijk niet achter blijven. Mijn ouders hebben mij ingeschreven bij RKSVB, en die club ben ik tot op heden trouw gebleven.

 Nu is Janine Conjaerts dus al ruim anderhalf decennium voetbalster. Zij heeft al een behoorlijk aantal oefenmeesters gehad, die een bijdrage hebben geleverd aan haar prestatievermogen.  Zowel in de jeugd als bij de senioren heeft zij verschillende trainers en trainsters gehad. Zij zegt daarover: ,,Degene die mij het meeste bij blijft is mijn vader, Pedro Conjaerts, en Patrick Niks. Deze twee hebben mij getraind toen ik bij de C- en B-meisjes zat. Toen ik vervolgens overging naar de dames kreeg ik een andere trainer, Jan Pinckaers.  Na twee jaar ging Jan weg. Er moeste een nieuwe komen om ons verder te kneden. Mijn vader en Patrick Niks namen dat op zich. Ik kan dus met zekerheid zeggen dat ik het meeste van deze twee trainers heb geleerd. Mijn vader stond trouwens ook altijd langs de lijn als hij geen trainer was, als toeschouwer. Ook dan stond hij mij te coachen. Om samen te trainen met mijn vader heb ik soms als zwaar ervaren. Als ik iets fout deed kreeg ik dat steeds te horen. Als dochter van de trainer gebeurde dat soms tot drie keer toe, zelfs nog aan de keukentafel. Maar ik heb veel van hem opgestoken en ben erdoor gehard. Meestal had hij ook gewoon gelijk. Hoewel het dus soms zwaar was, is het toch de beste trainer geweest die ik heb gehad.”

Janine Conjaerts speelt dus bij RKSVB. Dit is een relatief kleine club in het dorp Ubachsberg, waar, naar zij vertelt iedereen elkaar kent een club ook die zonder meer als gezellig mag worden omschreven. Janine bekleedt de positie van centrale middenvelder in een 4-4-2-systeem, het systeem wat het team meestal hanteert. Op dit moment komt het elftal uit in de vierde klasse, maar men staat wel bovenaan. Janine, die Lisanne Janssen naast zich in het elftal weet: ,,We staan inderdaad bovenaan, dus wie weet…”

Janine Conjaerts voelt zich thuis bij de club uit Ubachsberg. Van een gepland vertrek is dan ook (nog)  geen sprake.  Zelf legt zij uit wat RKSVB voor haar zo aantrekkelijk maakt: ,,In het begin heb ik deze keuze natuurlijk niet zelf gemaakt. Dat hebben mij ouders gedaan. Ze hebben mij ingeschreven, mede omdat mijn broer en mijn vader hier ook al voetbalden. Ik ben bij RKSVB gebleven omdat het een heel erg gezellige club is. Zowel de dames als de heren hebben goed contact met elkaar. Na de training zitten we dan ook met z’n allen samen in de kantine. Mijn team is een grote vriendengroep. Als je er nieuw bij komt wordt je trouwens ook meteen goed opgevangen door iedereen. We hebben vaak teamuitjes en gaan na onze eigen wedstrijd nog vaak bij de mannen kijken. Begrijp me niet verkeerd het is niet alleen maar plezier. Ons team staat voor 90 minuten lang prestatie leveren en pas daarna veel plezier beleven. Dit alles bij elkaar maakt dat je niet meer snel weg komt bij RKSVB.”

Op de vraag wat een echte voetbalvrouw is, komt een verrassend, niet alledaags, antwoord. Janine: ,,Hmm…. Goeie vraag. Om een echte voetbalvrouw te zijn moet je, vind ik, toch wel echt zelf voetballen. Dus niet iemand zoals Yolanthe Sneijder is een voetbalvrouw. Nee, wel een Lieke Martens, zij mag die benaming met recht dragen. Voetballen wanneer je kunt en alles geven in een training en in een wedstrijd. Dan pas ben je een echte voetbalvrouw.”

De waarde van het EK voetbal voor de vrouwen afgelopen zomer schat Janine als volgt in: ,,Ik denk dat de voetbalvrouw sinds dit jaar meer meetelt dan ooit tevoren. Dat hebben we te danken aan de oranje leeuwinnen. Sinds het EK kijken veel meer mensen naar vrouwenvoetbal. Ook omdat ze natuurlijk veel beter presteren dan de mannen. Maar ook omdat het gewoon leuk is om naar te kijken. 90 Minuten lang voetbal kijken zonder dat er iemand huilend op de grond ligt vanwege een klein duwtje. Er zit geen theater in het vrouwenvoetbal. Wat het voor mij persoonlijk heel plezant maakt om naar te kijken.”

De nodige mensen vonden de aandacht voor het EK voor de vrouwen maar overtrokken, een ‘goed-nieuws-show’ zelfs, waar kritiek zelfs uit den boze was.  Janine geeft aan de dat vrouwenvoetbal inderdaad anders is dan bij de mannen. Zij stelt dat het minder snel is, minder hard ook en met minder trucjes. Maar ook zegt zij: ,,Ik vind niet dat de aandacht overtrokken werd. Zoals gezegd presteren de vrouwen op het moment beter dan de mannen. Het voetballen van de mannen van Nederland kan ik echt niet meer aanzien. Het is saai en slecht. Ik kijk momenteel liever naar de vrouwen. Het meeste commentaar op het vrouwenvoetbal kwam volgens mij van mannen af. Ik heb gelezen wat Johan Derksen over de vrouwen heeft gezegd. Daar ben ik het dan zo niet mee eens. Ik kan die man ook niet meer serieus kan nemen. Ik denk dat dit EK een grote en mooie stap is geweest in het vrouwenvoetbal.  Het is een misvatting en een vooroordeel om te denken dat vrouwen niet kunnen voetballen. Ik heb meiden en vrouwen gezien die beter kunnen voetballen dan sommige mannen. Ik heb vroeger altijd bij de jongens gevoetbald en ik hoorde altijd dat ik niet onder deed voor de jongens. Nu nog steeds train ik een team dat bestaat uit jongens en meisjes. De vrouwen doen echt niet onder voor de jongens hoor. Bovendien worden ze er hard van. Om nog even terug te komen op het EK: Ik hoop dat het vrouwenvoetbal nu meer serieus wordt genomen. Ik weet dat dit in het begin niet werd gedaan, omdat de mannen toch leuker waren om naar te kijken dan de vrouwen. Maar nu de mannen niet meer presteren krijgen de vrouwen meer aandacht. Dus ik hoop dat het vanaf nu zo is dat ook de vrouwen op tv worden uitgezonden en dan ook serieus worden genomen.”

 

De term gezelligheid is al voorbij gekomen. Janine heeft er al over gesproken. Aanvullend zegt zij: ,,Mijn team bestaat uit vriendinnen. Ik ga dus ook met mijn team uit en ga met mijn team naar de bioscoop. Nu hebben we bijvoorbeeld ook een liedje gemaakt voor het ‘leedjeskonkoer’ in Ubachsberg. Natuurlijk heb je met sommige mensen in je team meer dan met anderen. Maar iedereen kan goed met elkaar opschieten. Na onze eigen wedstrijd gaan we vaak naar de kantine, waar vervolgens de mannen moeten voetballen. Gezamenlijk kijken we dan naar de wedstrijd.”

In het voetbal worden bergen geld verdiend. Om die reden, maar ook vanuit sportief oogpunt, dromen veel jongen mensen van een carrière bij een topclub in het profvoetbal. Janine ook? Zij verhaalt: ,,Ik denk dat iedereen wel eens ervan droomt. Ik ook dus. Ik heb wel eens erover nagedacht om hogerop te gaan voetballen. Maar uiteindelijk was het de club en vooral het team dat mij tegenhield. Als je begint met voetballen bij RKSVB kom je niet zo snel meer weg. Dus die droom is verleden tijd. Nu denk ik dat ik te oud ben om  een grote transfer te maken, haha!

Het ligt voor de hand dat in een voetbalgezin de bal vaak onderwerp van discussie is. Gezin Conjaerts is daar geen uitzondering op. ,,Of wij over voetbal praten? We praten over niks anders”, aldus Janine, en dan: ,,Toen mijn vader trainer was kreeg ik bij het middageten nog steeds te horen wat ik anders had moeten doen. De hagelslag en de nutella waren de goal, en de pot pindakaas was ik. Met die attributen werd uitgelegd wat ik in een bepaalde situatie had moeten doen. Mijn familie is in het voetbal ook een grote steun. Mijn broertje is bovendien grensrechter bij mijn team en mijn ouders komen bijna altijd kijken, zelfs als het regent, zij het in dat geval iets minder.”

Janine Conjaerts is niet enkel geïnteresseerd in voetbal. Ook andere sporten hebben haar aandacht. Tennis, hockey, en honkbal vindt zij leuk, eigenlijk alle sporten waar je iets met een bal moet doen. ,,Vandaar dat ik ook op de sportschool zit denk ik”, aldus Janine. Maar voetbal blijft het allermooiste. De argumentatie: ,,Het teamgevoel, de individuele acties die je kunt maken, het samenspel, het scoren, met je voeten alles doen, het spelelement, het stoere eraan dat je als meisje kan voetballen. Eigenlijk alles wat erbij komt kijken.”

Van onsportiviteit moet de middenvelder niets hebben. Niet van een scheidsrechter en niet van spelers. Janine weer: ,,Je krijgt op ons niveau heel vaak scheidsrechters die thuisfluiters blijken te zijn. Dus bij elk klein duwtje dat je geeft, krijgt je een vrije trap tegen. Dit maakt vaak een hele wedstrijd kapot en levert frustraties op. Ook onsportiviteit van spelers vind ik irritant. En dan bedoel ik overtredingen maken die erop gericht zijn om iemand te blesseren.”

Van mindere sportieve gedragingen naar successen is een kleine sprong. Die maken we als we Janine tenslotte vragen naar haar mooiste ervaringen in haar loopbaan. Zij: ,,Ik kan er twee uitkiezen die mij nog lang zullen bij blijven. Toen ik nog bij de C-meisjes voetbalde, hebben we meegedaan aan een toernooi bij SNA in Montfort. Dit was de laatste keer dat we samen waren als C-meisjes, omdat er veel meiden stopten en we overgingen naar de B-categorie. Bovendien zouden onze trainers, mijn vader en Patrick, ermee stoppen. Dus eigenlijk was het een groot afscheidstoernooi. Als je het toernooi dan vervolgens wint, is dat schitterend! Als tweede moment heb ik natuurlijk het kampioenschap, in het seizoen 2014-2015, in de vijfde klas. Ook dat was trouwens onder leiding van mijn vader en Patrick. Dat maakt het dan natuurlijk ook weer extra mooi.”

Foto’s®Parkstadactueel/Lucho Carreno