Een dagvaarding die ongeopend blijft liggen, kan grote gevolgen hebben.
Wie niet reageert, loopt het risico bij verstek te worden veroordeeld tot betaling van de schuld én bijkomende kosten. Onderzoek laat zien dat zo’n stilzwijgen lang niet altijd voortkomt uit onwil. Geldstress, schaamte, moeilijke taal en een verminderd vermogen om te handelen spelen een grote rol.
De envelop ligt tussen aanmaningen, reclamefolders en andere post. Misschien is de bewoner tijdelijk ergens anders. Misschien wordt de brief wel gezien, maar niet geopend uit angst voor opnieuw slecht nieuws. Het kan ook gebeuren dat iemand de inhoud leest, maar niet begrijpt wat er vóór welke datum moet gebeuren.
Ondertussen loopt de juridische procedure gewoon verder.
Wie niet op een dagvaarding reageert, kan bij verstek worden veroordeeld. Dat is geen strafrechtelijke veroordeling, maar een uitspraak in een civiele zaak. Volgens de informatie van de Rechtspraak over te laat reageren op een dagvaarding krijgt de eiser dan meestal gelijk, omdat de rechter alleen het verhaal van de eiser kent. De gedaagde kan ook worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Niet reageren is geen uitzondering
Uit het CBS-onderzoek Verstekgangers en verweervoerders in handelszaken, uitgevoerd in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum, blijkt hoe vaak mensen niet aan een civiele procedure deelnemen.
In 83 procent van de onderzochte handelszaken bij de kantonrechter uit 2018 liet de gedaagde verstek gaan. In slechts 13 procent werd verweer gevoerd. Bij de overige 4 procent was dit onbekend.
Het ging om ruim 300.000 dagvaardingszaken tegen natuurlijke personen. Daaronder vielen onder meer geschillen over huur, consumentenkoop, verzekeringen, geldleningen en consumentenkredieten. Het CBS waarschuwt dat de resultaten door ontbrekende en onbruikbare adresgegevens niet representatief zijn voor heel Nederland. Toch laten de cijfers zien dat niet reageren een omvangrijk en structureel verschijnsel is.
De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders schrijft eveneens dat bij ongeveer 75 procent van de uitgebrachte incassodagvaardingen de gedaagde niet verschijnt en geen verweer voert. In het artikel Nieuwe incassodagvaarding in begrijpelijke taal staat bovendien dat naar schatting 55 tot 70 procent van de burgers een traditionele dagvaarding niet goed begrijpt of niet weet wat er moet gebeuren.
Juridisch bezorgd, maar daadwerkelijk gelezen?
Een dagvaarding wordt officieel bezorgd door een gerechtsdeurwaarder. Wanneer niemand wordt aangetroffen aan wie het document persoonlijk kan worden gegeven, mag de deurwaarder een afschrift in een gesloten envelop op het woonadres achterlaten. Als ook dat feitelijk onmogelijk is, kan het document per post worden bezorgd. Dat staat in artikel 47 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Daarmee kan een dagvaarding juridisch correct zijn bezorgd zonder dat zeker is dat de geadresseerde de brief werkelijk heeft gezien, geopend of begrepen.
Voor het recht is een controleerbare bezorgprocedure noodzakelijk. Een schuldeiser moet uiteindelijk een beslissing kunnen krijgen. Toch wringt het wanneer formele bezorging bijna automatisch wordt gelijkgesteld aan daadwerkelijke kennis en deelname.
Schuldenstress tast het vermogen om te handelen aan
Mensen met schulden weten meestal dat zij iets moeten doen. Het probleem is dat weten niet automatisch betekent dat iemand op dat moment ook kán handelen.
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid beschrijft dit verschil in het rapport Weten is nog geen doen: een realistisch perspectief op redzaamheid.
Om tijdig op een dagvaarding te reageren, moet iemand de post openen, informatie verwerken, termijnen bewaken, bewijsstukken verzamelen en hulp organiseren. Dat vraagt om wat de WRR ‘doenvermogen’ noemt. Juist op momenten dat het leven tegenzit, kan dit vermogen sterk onder druk komen te staan. De WRR adviseert de overheid daarom om bij wetgeving en beleid niet alleen te kijken of burgers de regels kunnen begrijpen, maar ook of zij in staat zijn daarnaar te handelen.
Ook lector Schulden en Incasso Nadja Jungmann beschrijft dit probleem in het wetenschappelijke artikel Het recht als struikelblok bij problematische schulden.
Mensen met problematische schulden kunnen volgens haar moeite hebben met het openen van brieven, het begrijpen van juridische stukken, het organiseren van hulp en het vrijmaken van geld voor ondersteuning. Tijdens een rechtszitting kan stress ervoor zorgen dat zij hun verhaal minder samenhangend vertellen of de gevolgen van een voorstel niet volledig overzien.
Niet reageren is daardoor niet automatisch een teken van desinteresse of onwil. Het kan juist voortkomen uit chronische stress, angst, schaamte en een gevoel geen controle meer te hebben.
Schulden en psychische problemen versterken elkaar
Er bestaat ook een wetenschappelijk aangetoonde relatie tussen schulden en psychische problemen.
In het onderzoek The Bidirectional Relationship Between Debts and Common Mental Disorders werden Nederlandse volwassenen gedurende meerdere jaren gevolgd. Mensen die zeer veel moeite hadden om hun schulden af te lossen, hadden na correctie voor verschillende andere factoren een ruim drie keer hogere kans op het ontwikkelen van een veelvoorkomende psychische aandoening dan mensen zonder schulden.
Schulden bleken daarnaast samen te hangen met het voortduren van bestaande psychische problemen. Andersom voorspelden psychische aandoeningen niet automatisch het ontstaan van schulden, maar konden zij het oplossen van al bestaande betalingsproblemen wel bemoeilijken. De onderzoekers benadrukken dat de meeste mensen met schulden geen psychische aandoening hebben en dat de meeste mensen met psychische klachten geen problematische schulden hebben.
Een kleine rekening kan sterk oplopen
Het Nederlandse incassosysteem behandelt schulden meestal per afzonderlijke vordering. Iedere schuldeiser kan een eigen incassotraject beginnen, met eigen herinneringen, kosten en juridische maatregelen.
Daardoor kan een kleine rekening aanzienlijk groeien. In het officiële rapport Beleidsopties IBO Problematische schulden wordt het voorbeeld genoemd van iemand die een rekening van 50 euro niet kan betalen. Door een gerechtelijke procedure en loonbeslag kan die schuld uiteindelijk oplopen tot ongeveer 700 euro.
Het rapport stelt dat vooral vanaf de gerechtelijke fase een sterke kostenstijging ontstaat. Bij kleine schulden kunnen deze kosten niet meer in verhouding staan tot het oorspronkelijke bedrag.
Bijna negen jaar voordat een oplossing begint
De Hogeschool Utrecht en Kredietbank Nederland onderzochten hoe problematische schulden zich ontwikkelen. Voor het rapport Opbouw van problematische schulden: van de eerste vordering tot de aanvraag van een schuldregeling werden 250 schuldendossiers bestudeerd.
Gemiddeld verstreken acht jaar en vijf maanden tussen het ontstaan van de oudste vordering en de aanvraag van een schuldregeling. Daarna duurde het vaak nog minstens vijf maanden voordat de regeling daadwerkelijk begon.
De gemiddelde totale schuldenlast bedroeg in de onderzochte dossiers 41.447 euro. Gemiddeld waren er dertien schuldeisers. In ruim de helft van de gevallen waren de schulden geleidelijk opgelopen.
Dat betekent niet dat alle incasso- en proceskosten onterecht zijn. Schuldeisers maken kosten en hebben recht op betaling. De vraag is wel of het maatschappelijk verstandig is om kosten jarenlang te laten oplopen terwijl duidelijk is dat iemand niet meer in staat is om alle afzonderlijke vorderingen op te lossen.
De rechter is geen automatische stempelmachine
Het is onjuist om te stellen dat iedere vordering bij verstek klakkeloos wordt toegewezen. De kantonrechter controleert of de dagvaarding correct is uitgebracht en of de eis juridisch kan worden toegewezen.
In consumentenzaken moet de rechter bepaalde beschermende regels bovendien uit eigen beweging toepassen. De rechter kan bijvoorbeeld oneerlijke voorwaarden of onterecht berekende kosten afwijzen, ook wanneer de consument zelf geen verweer heeft gevoerd.
Maar een rechter kan geen rekening houden met feiten die niet bekend zijn. Zonder reactie van de gedaagde ontbreken mogelijk betaalbewijzen, eerdere afspraken, informatie over een betwiste levering of persoonlijke omstandigheden die voor een oplossing van belang kunnen zijn.
Eerst een oordeel, daarna pas hulp
Naast de financiële gevolgen speelt stigma een belangrijke rol. Mensen met schulden worden nog vaak gezien als onverantwoordelijk, ongemotiveerd of gemakzuchtig.
Movisie onderzocht wetenschappelijke en andere literatuur over dit onderwerp in de Verkenning Stigma en bestaanszekerheid. Daaruit blijkt dat mensen in bestaansonzekerheid vooral het stigma ervaren dat zij hun problemen aan zichzelf te danken zouden hebben.
Dat stigma leidt tot schaamte en wantrouwen. Het kan mensen er juist van weerhouden hulp te vragen, waardoor hun problemen langer blijven bestaan.
Volgens de meest recente cijfers uit Schuldenproblematiek in beeld 2025 had op 1 januari 2025 ongeveer 8,6 procent van de Nederlandse huishoudens geregistreerde problematische schulden.
Het gaat dus niet om een kleine groep mensen die eenvoudigweg weigert verantwoordelijkheid te nemen. Problematische schulden vormen een breed maatschappelijk vraagstuk.
Een menselijker systeem is mogelijk
Er zijn inmiddels verbeteringen zichtbaar. Gerechtsdeurwaarders kunnen een gemoderniseerde incassodagvaarding in begrijpelijkere taal gebruiken. Daarin wordt duidelijker uitgelegd wat iemand moet doen en wat de gevolgen zijn van niet reageren.
Ook beschikken rechtbanken steeds vaker over schuldenfunctionarissen. In Limburg kunnen rechters mensen via het Schuldenloket Limburg rechtstreeks in contact brengen met de gemeentelijke schuldhulpverlening.
Bij de Limburgse regelrechter worden huurders met betalingsachterstanden zelfs per brief, sms en e-mail uitgenodigd. Ook is tijdens het gesprek een schuldenfunctionaris aanwezig. Daarmee wordt geprobeerd mensen daadwerkelijk te bereiken en samen een oplossing te vinden voordat de situatie verder escaleert.
Verdere verbetering vraagt om dagvaardingen in gewone taal, één duidelijke vervolgstap, herinneringen via meerdere kanalen en persoonlijke ondersteuning bij het verzamelen van documenten en het voeren van verweer.
Daarbij hoort een wetenschappelijke kanttekening. De gevolgen van schuldenstress voor gedrag, gezondheid en functioneren zijn goed onderbouwd. Toch is nog niet voor ieder verstekvonnis vastgesteld waarom iemand niet heeft gereageerd. Daarvoor is aanvullend onderzoek naar niet-deelname aan rechtszaken nodig.
Een menselijker schuldensysteem neemt verantwoordelijkheid niet weg. Het zorgt er juist voor dat mensen werkelijk in staat worden gesteld die verantwoordelijkheid te nemen.
Want wanneer één ongeopende envelop kan uitgroeien tot jarenlange financiële ellende, moeten we niet alleen naar de schuldenaar kijken.
Dan moeten we ook durven kijken naar het systeem.