Regionale behandeldienst Zuid-Limburg efficiënt en beter voor cliënt

‘Efficiënter, goedkoper, je bedient meer cliënten en organisaties zijn erbij gebaat.’ Zo vat bestuurder Michael Hamers van Zorg Groep Beek het project samen waarin een regionale behandeldienst werd opgezet voor kleine en middelgrote ouderenzorgorganisaties in Zuid-Limburg. Het is een sprekend voorbeeld van Medisch Generalistische Zorg (MGZ). ‘Ik kan iedereen in Nederland aanraden om ons voorbeeld te volgen’, zegt Michael. Hij was in 2019 initiatiefnemer, samen met de organisaties Delphinium zorg en Nobama Care.

Het project werd uit nood geboren. Huisartsen in de regio gaven aan dat de bereikbaarheid van een eigen specialist ouderengeneeskunde (SO) ook in kleinere zorgorganisaties in de avond- nacht- en weekenddienst (ANW) volgens een nieuw protocol voortaan vereist was. Maar kleinschalige zorgorganisaties zoals Zorg Groep Beek, waarin de huisarts verantwoordelijk is voor cliënten, hadden geen eigen SO. Zo ontstond het idee voor een project waarin meerdere organisaties samen één SO kunnen inzetten, op basis van het principe couleur locale: de SO richt zich dan op de identiteit van de betreffende zorgorganisatie. Tweede uitgangspunt: de kwaliteit van leven van de cliënt staat voorop en niet het medisch model. Je werkt vraaggericht in plaats van aanbodgericht.  Commerciële partner

Samen met nog twee kleinere zorgorganisaties startte het project. En op 1 januari 2020 begon Lianne van Goch als projectleider. Zij kijkt met trots terug op wat er in de afgelopen drie jaar allemaal al bereikt is. Zo gingen de drie organisaties in 2020 in zee met een startende, commerciële partner: Ouderengeneeskundepraktijk Parkstad. Die bestond destijds uit één specialist ouderengeneeskunde, Christophe van Dijken, die net met een compagnon gestart was om zelf dagbehandeling aan te bieden. ‘Ik wilde graag een eigen bedrijf opbouwen en dat doen wat echt nodig en zinvol is voor de cliënt. Wat mij aansprak, is om dat samen met verschillende organisaties te doen. En om hierin voor de cliënt samen te werken met huisartsen, zorg- en wijkteams en medewerkers van de paramedische dienst.’ Project groeit Het team van Ouderengeneeskundepraktijk Parkstad bestaat inmiddels uit twee SO, een Verpleegkundig Specialist (VS) en één GZ-psycholoog. Bovendien traden recent nog twee behandelteams toe en nog eens drie zorgorganisaties, waaronder nu ook een middelgrote zorgorganisatie. ‘Bovendien sluiten het komende jaar nog eens drie zorgorganisaties aan’, vertelt Lianne. ‘Aanvankelijk was het project alleen gericht op mensen in kleinschalige woonzorgcentra met een Volledig Pakket Thuis (VPT). Maar inmiddels zijn behandelaars ook inzetbaar bij mensen die nog thuis wonen met een VPT en in één verpleeghuis. Er wordt nu over de grenzen van de zorgdomeinen heen gewerkt.’ Inhoudelijke groei Bovendien maakten organisaties en behandelaars samen ook een inhoudelijke groei door. Zo hanteren de zorgteams in de deelnemende organisaties een eenduidige vorm van triage, afgeleid van het landelijke model op de website verpleegkundigetriage.nl. De teams ontwikkelden zelf een papieren variant, omdat het model ook in de thuiszorg wordt ingezet en hier niet iedereen wifi heeft.

Verder hanteren de teams het Step-Care-model: complexe interventies door de SO komen pas in beeld als meer eenvoudige interventies door bijvoorbeeld de verpleegkundige niet voldoende effect hebben. ‘We schalen op waar nodig en we schalen af waar dat kan’, vertelt Lianne. Dat is volgens haar ook mogelijk, omdat geïnvesteerd wordt in de kennis en expertise van de teams en het potentieel veel beter benut wordt. ‘Dat is spannend in het begin, maar het leidt uiteindelijk tot meer werkplezier.’ Michael vult aan: ‘Het investeren in kennis kost ons geld, maar levert ook veel op.’ Preventief werken Christophe beaamt dat. Hij is op veel momenten in het jaar 24 uur per etmaal bereikbaar, maar wordt in de ANW echt zelden met vragen gebeld. ‘Overdag wordt doorgaans al goed op situaties geanticipeerd. Er is ook geïnvesteerd in het opleiden van een Verpleegkundig Specialist met wie de zorgteams kunnen sparren. Indien nodig is overdag al met familie gesproken en is eventueel een behandeling ingezet.’ Lianne vult aan: ‘Er wordt nu veel meer preventief gewerkt in plaats van reactief. De rol van de SO verandert; die werkt nu vooral vraaggericht’, zegt zij. Een voordeel is dat de SO op deze manier op afstand veel meer mensen kan bedienen. ‘Dat klopt’, zegt Christophe. ‘Hiermee voldoe je niet aan de eisen die nog in de klassieke verpleeghuiszorg gelden en waar de SO visites doet. Maar wat we wel doen, is de juiste zorg op het juiste moment bieden. Waarbij het voor mij van belang is: hoe staat de cliënt in het leven en wat wil die nog? Ik denk dat we met deze werkwijze beter aansluiten bij de waarde van de cliënt.’ Zuid-Limburg loopt voorop.

Het project kon van start gaan dankzij de inzet van transitiemiddelen door Zorgkantoor CZ. Daarmee kon de projectleider aangetrokken worden. Marieke Teurlings, beleidsadviseur ouderenzorg bij het zorgkantoor: ‘Wij willen als zorgkantoor anticiperen op de schaarste aan artsen en zorgpersoneel en kijken naar manieren om de zorg anders te organiseren. Het project in Zuid-Limburg oogde heel interessant en paste bij wat wij voor ogen hebben.’ Ze wijst daarbij ook op het besluit van het ministerie van VWS waarin is vastgelegd dat per 1 januari 2025 iedereen een beroep moet kunnen doen op een SO of huisarts. ‘Met dit project loopt Zuid-Limburg daar op vooruit. Het levert nieuwe inzichten op over hoe we de zorg anders kunnen inrichten.’ Lianne vult aan: ‘En het werkt toe naar de SO als nutsvoorziening in de regio.’  Andere financiering Binnen het project hebben partijen gezocht naar manieren om de SO op passende wijze te financieren en zijn goede afspraken gemaakt met het zorgkantoor.

Maar Marieke is het eens met Lianne en Michael dat de inzet van de SO in de toekomst anders en eerlijker gefinancierd en gefaciliteerd moet worden. ‘Daar moeten we landelijk naar kijken, evenals naar de structuur. Zo moeten Huisartsenpost, ziekenhuiszorg en het werk van de SO beter gecombineerd worden’, zegt Marieke.  In Zuid-Limburg wordt daar al over nagedacht, vertellen Lianne en Michael.

Zij willen de samenwerking graag doorontwikkelen en naar nog meer samenwerking in de regio. Zo doen grote organisaties met voldoende capaciteit in de eigen behandeldienst nu nog niet mee. ‘Maar met de aansluiting van de eerste middelgrote zorgorganisatie zie je dat de beweging echt in gang is gezet. Dat is belangrijk, want het moet echt anders’, zegt Lianne. Zij heeft tot slot nog enkele tips voor organisaties die het voorbeeld van Zuid-Limburg willen volgen: Stimuleer het nieuwe denken van behandelaren; kies voor taakherschikking en heb vertrouwen.  Investeer in leercurve teams en behandelaren in het netwerk. Bestuurders moeten faciliteren. Zet behandelaren met transformatiegedachte in de lead. Kleur buiten de lijntjes, heb een lange adem en heb lef. Absoluut nodig: aanjager dan wel projectleider. Meer horen over de stappen en lessen van Zuid-Limburg? Projectleider Lianne van Goch vertelt er 22 september over op de Landelijke netwerkbijeenkomst.

Lees meer: https://www.vilans.nl/actueel/verhalen/regionale-behandeldienst-zuid-limburg-efficient-en-beter